Een subtiel-hilarische voorstelling over kwetsbaarheid. Over het ongemak van stilte. Alles op het randje van de gekte. Ze zei: ‘Neem een “breek”, joh.

Dat kan hier op de stoeptegel. Verstil de gewoonte. Hier heb je gefrituurde sprinkhaan. Leg de plicht het zwijgen op. Troost die vreemdeling. En luister. Het jeukt in je hoofd. Naar ongehoorde stemmen. Het varken roept je. Laat het barsten. Traan, traner, traanst. Breek die hartkorst. Gooi je telefoon in het vuur. Bladder af. En adem weer.’

  • Eigenzinnig
  • Schaamteloos boeiend
  • Expressief en energiek